Hoogopgeleiden vrezen de toekomst

19 mei 2017 Arnold Poelstra | EY | Belastingadviseurs LLP

Vanochtend bij het ontbijt las ik in het FD dat hoogopgeleide werknemers het meest bevreesd zijn voor de gevolgen van digitalisering voor hun werkomgeving en werkaanbod. Oei. Moeten we ons dan in een dienstenmaatschappij als Nederland is grote zorgen maken?

De discussie rondom de invloed van digitalisering speelt op grote schaal binnen een professionele zakelijke dienstverlener als de onze. Het leeuwendeel van onze populatie is opgeleid op universitair niveau en diegenen die dat niet zijn hebben een hbo-opleiding genoten. De angst zou dus moeten regeren als we het FD zouden moeten geloven. Die indruk heb ik echter stellig niet als ik de sfeer binnen EY proef. In tegendeel. Digitalisering, robotisering en artificial intelligence, worden als een oplossing gezien voor werkzaamheden waar we nu noodzakelijkerwijs (te)veel tijd aan moeten besteden. (Jonge) mensen raken snel verveeld als ze routinematig werk moeten doen, de kans op gebruikersfouten is groot en de snelheid waarmee een goed geprogrammeerde robot repetitieve handelingen kan uitvoeren is ongeëvenaard. Het gevolg van verdergaande digitalisering gaat 100 % zeker zijn dat er tijd vrijkomt voor zaken die er echt toe doen en waarvoor de klant ons feitelijk betaalt of nog bereid is te betalen. Analyses van data, ondersteuning bij fiscale beleidsbeslissingen, het meer dan accuraat en tijdig kunnen adviseren op basis van de werkelijke (klant)vraag worden niet meer belemmerd door tijdsdruk wanneer het verzamelen en rubriceren van data niet meer het grootste deel van het beschikbare budget opslokt. De kosten van compliance-werkzaamheden gaan ontegenzeggelijk naar beneden. Om met Simon Sinek te spreken: “de adviseur gaat zich bezighouden met “the why” en niet meer met “what”.

Waar komt de angst, waarvan het FD-melding maakt, dan wel vandaan? Van het onvermogen om te kunnen sturen in de snelheid en aard van digitalisering? Dat zou kunnen. Ik weet niet of u het gevoel kent? Je bent op een congres (waar dan ook maar over) en daar hoor en zie je van alles en nog wat op jouw vakgebied. Voorspellingen, disrupties die eraan zitten te komen, nieuwe spelers op de markt die we nu nog niet eens kennen, enz. Als je na afloop in de auto stapt en naar huis rijdt, zegt een knagend stemmetje dat je alweer te laat bent, dat anderen je voor zijn, dat je onvoldoende inzicht hebt in nieuwe ontwikkelingen enz. Een hoogst onaangenaam gevoel. Je moet, en wilt ook mee in de vaart der volkeren, maar wordt de volgende dag zo maar weer opgeslokt door die 150 mailtjes die nog beantwoord moeten worden, besprekingen die te lang duren, gedoe met teamgenoten en andere tijdrovende klussen. Ergens in het achterhoofd hoor je dan een positief stemmetje; straks word ik hier niet meer mee lastig gevallen, beschik ik over alle juiste data, heb ik nog maar 20 mails omdat het antwoord op die 130 andere uit de beschikbare info gehaald kan worden en besteed ik mijn tijd aan het geven van vertrouwen aan de klant over die fiscale beslissing die voor hem zo cruciaal kan zijn. Hoezo angst?

Wilt u in contact komen met Arnold Poelstra of wilt u zijn overige columns lezen? Kijk dan op zijn eigen columnisten pagina.